Waarom het verschil tussen ‘werk’ en ‘privé’ een illusie is

Longread: 25 min. 

 

Sinds ik een eenmanszaak heb, ben ik opeens miljoenen potentiële tijdelijke-collegae rijker, is de wereld mijn werkplek en zijn werktijden verleden tijd. Dit heeft op veel gebieden levensgeluk gebracht – anders deed ik het natuurlijk niet. Ik gedij bij verandering en heb nu meer ruimte om die veranderingen organischer te laten ontstaan dan toen ik in loondienst werkte. Maar één element in dit rijtje kostte me toch weken maanden jaren om te begrijpen en vervolgens te hanteren: Werk versus privé. 

Eerlijkheidshalve moet ik bekennen dat ik – tot ik zelfstandig ondernemer werd – nooit stil stond bij dit onderscheid. Ik vind het een bovengemiddeld gek sluitstuk tussen verschillende schijnwerelden, waar je denkbeeldige schotjes tussen zet: In het ene veld ben je er voor het ‘werk’ (ofzo) en in het andere veld ben je er enkel voor ‘jezelf’ (ofzo). Een wonderlijk onderscheid dat, zeker nu we een parallelle digitale wereld hebben, volledig zijn doel voorbij schiet. Ik ben er van overtuigd dat burn-out’s deels ontstaan omdat mensen gedwongen worden delen van zichzelf buiten te sluiten op verschillende plekken – dat is voor niemand gezond.

LOONDIENST.

Ik heb het geluk (vind ik nu) tien jaar in loondienst gewerkt te hebben (bij zeven organisaties). Pas recentelijk realiseerde ik me dat ik aan al die organisaties vrienden over heb gehouden. Mensen met wie ik klikte en met wie ik net zo gemakkelijk kon werken, als een biertje drinken en over onzin praten. Die ik nog steeds zie. Of met wie ik de draad zo kan oppakken als er tijd en ruimte is. Het enige ingewikkelde aan vriendschappen vanuit loondienstbetrekkingen is dat je pas weet of je vrienden bent, als de gemeenschappelijke verbinder (lees: het werk) weg is. Maar als je net zo snel van baan verwisselt als ik, kom je daar gauw genoeg achter. En anders heb je jaren lang dezelfde mensen om je heen en merk je niks.

ONDERNEMERSCHAP. 

Maar sinds ik zelfstandig ondernemer ben, heeft dat schema zich 100% omgedraaid. Nu kom ik mensen tegen die eerst bier koffie met me willen drinken en over onzin het leven willen praten, waarna ze acht van de tien keer voorstellen om samen een project te starten. Het is uiteraard een lief compliment als iemand, zonder je te kennen, het gevoel heeft dat je een toegevoegde waarde kunt bieden. Het lastige aan deze constructie is echter dat mensen vaak vergeten te vragen of dat voor de ander ook zo werkt.

En precies dáár begon de laatste jaren steeds de knoop in mijn maag op te spelen: Iemand aardig vinden is namelijk honderdduizend keer makkelijker, dan iemand goed vinden in zijn werk. Auw. En omgekeerd is ook waar; sommige mensen zijn extreem goed in hun vak, maar daarmee kun je niet tot midden in de nacht over het leven praten, gewoon ‘zijn’ of in gedachtenexperimenten verdwalen. En er zijn meestal maar een paar mensen met wie je beide kan.

Het omgedraaide schema van de ondernemers blijkt stukken lastiger, dan wat ik meemaakte toen ik in loondienst was. Toen hoefde ik er enkel op te letten dat ik niet ergens in meterkast met iemand belande, of gekke dingen deed op een personeelsfeest. Vrij overzichtelijk bestaan was dat. Dat bovendien gekaderd wordt door werktijden en locaties. Alles daarbuiten was een vrijplaats. Easy peasy. 

WERK VERSUS PRIVE. 

Omdat het als zelfstandig ondernemer zo complex vervelend onnodig is om mensen tijdens de koffie af te wijzen, en kwetsen hélemaal niet leuk, besloot ik om voor cruciale keuzemomenten een paar oneliners in mijn broekzak te stoppen en er niet te moeilijk over te doen. ‘Ik werk het liefst alleen’ was zo’n zin. Waar, maar niet 100% waar. ‘Ik zit al helemaal vol met werk‘. Waar, maar niet 100% waar. En als ik het bij voorbaat al wist: ‘Ik heb al heel veel koffieafspraken staan‘. Waar, maar niet 100% waar. En de uitsmijter, omdat mensen altijd vriendschappelijk beginnen: ‘Ik scheid werk en prive altijd.’ Absoluut niet waar dus. Nooit geweest. En zal het ook nooit worden.

Ik geloof niet eens in het onderscheid. Maar de juiste woorden, en liefdevolle uitleg, had ik ook nog niet gevonden… Je kunt moeilijk tegen iemand zeggen ‘Ik vind je heel gezellig voor koffie en bier, maar denk niet dat ik je goed genoeg vind in je vak‘. Hoe lullig is dat. En ook weer-niet helemaal waar. Want vrijwel iedereen is wel ergens goed in. Wat dan? De tekst: ‘Ik heb de luxe veel mensen te kennen, en ken voor deze vaardigheid mensen die net iets beter zijn dan jij, maar ik wil wel een biertje met je drinken want ik vind je aardig.’ Zit iemand ook niet op te wachten. Echt niet.

Omdat dit het jaar is dat alles door de mand valt en ik notabene samenwerk in een intens project met één van mijn beste vrienden, is het absurd om zelf de reflectiemodus voor het gemak maar over te slaan. En – belangrijker nog – ik voel me er onprettig bij om niet eerlijk te kunnen zijn. Ik wil namelijk héél graag biertjes drinken met mensen en niet het gevoel heb dat ik daarna ook meteen een project moet starten, of ze op werkgebied iets geven moet. Ik merkte, toen ik dit met mensen om me heen besprak, dat ik niet de enige ben die hier mee worstelt. Vandaar dit blog. Dan hebben wellicht meer mensen er iets aan. Al is het er maar één.

HET PROBLEEM VAN ‘EVEN’ HELPEN. 

Een groot obstakel waardoor ikzelf vaak per ongeluk in ‘werk’ beland voor ik het door heb is, omdat ‘even helpen‘ één van mijn grootste hobby’s is. Hoe handig is het als de ene mens iets snel kan, en de andere mens het nodig heeft? Dan help je elkaar dus even. Vrijwillig en in het moment. Bam. Klaar. Ik vind het één van de leukste dingen in de wereld. Toch heb ik niet zo lang geleden mezelf een verbodsbord opgelegd, want het liep de spuigaten uit: Ik en even helpen.

Het probleem zit ‘em vooral in het woordje ‘even’. Want even wordt meestal iets-langer. En iets-langer verandert altijd in een tweede-keer. Dan is even ondertussen natuurlijk allang een soort prehistorisch element geworden. En zit ik met de gebakken peren. Bovendien heeft niet iedereen ‘even helpen‘ als grootste hobby, maar ‘even ontvangen‘ wel. Ik definieer daarom tegenwoordig heel helder wat ‘even’ betekent. Hoe kinderachtig het ook voelt – maar voorkomen is beter dan genezen.

Wat dit met het onderscheid tussen werk en privé te maken heeft is, dat zowel mensen in loondienstbetrekking en zelfstandig ondernemerschap dit meemaken. Dat het een fenomeen is dat door alle muren en constructen heen breekt.

Op verjaardagsfeestjes wordt de IT-er altijd gevraagd om meteen ook even naar de computer van ome Joop te kijken. Of mag de psycholoog even uitleggen hoe de neurologie rondom autisme werkt. Kan de journalist even naar de zinsopbouw in een geschreven stukje kijken. Een vriend van me op de theaterschool antwoordde altijd als ze vroegen of hij een stukje kon zingen ‘dat je de behanger ook niet vraagt om even een stukje te behangen’ en dat hij dus ook niet even een stukje ging zingen. Wat je kunt, weet, ziet en begrijpt is niet altijd wat je op dat moment ook delen wilt. Soms wil je gewoon even een biertje drinken en verder niets. En dat moet genoeg kunnen zijn.

DE ESSENTIE: WERK OF PRIVE BESTAAT HELEMAAL NIET.

Als we zouden kunnen zien dat ieder mens in essentie gewoon een mooie dag wil – of je nou met een project bezig bent, bier drinkt, naar de Efteling gaat, een wandeling maakt, het huis opknapt of een rondje gaat zeilen – dan doet het construct er niet meer toe. Dan hoef je alleen nog maar te kijken naar het moment.

Zo had ik een paar maanden geleden iemand aan de telefoon die me letterlijk zei: ‘Wanneer zullen wij koffie drinken, want ik wil met je samenwerken‘. Ik kende haar niet, had haar nooit gezien. ‘Maar ik ken je niet..‘ probeerde ik. ‘Daarom wil ik koffie drinken‘ zei ze. Ik raakte verward. Want koffie drinken vind ik leuk. Maar deze opdringerigheid stond me enorm tegen, omdat er een doel achter zat en niets in het moment mocht ontstaan. Ze had alles al bedacht. Uiteraard zei ik ‘nee’ tegen de vrouw. Ik heb haar nog uitgenodigd op één van de netwerkplekken waar ik wel eens kom. Maar dat wilde ze niet. Toen ze bleef aandringen heb ik er één van mijn oneliners aan vastgeplakt. Waarna ik een golf van afwijzing ervoer, dat zich vertaalde in negativiteit (dat voelde ik dan weer wel).

Het leverde daarna intern extreem veel gedoe op. Ik wil ‘nee’ kunnen zeggen, zónder dat ik daar verantwoording voor moet afleggen of een projectie op me af geslingerd krijg. De gedachte dat dit te hacken moest zijn, bleef me in beslag houden. Een vriendin suggereerde dat sommige mensen helemaal niet iemand willen leren kennen, maar vooral vanuit status ergens binnen willen komen (lekker dan). Oprecht interesse is er dan überhaupt niet. Dus of je het dan als een compliment kunt beschouwen is ook nog de vraag.

Dit hacken vraagt van mensen een zekere mindset. Wat absoluut noodzakelijk is, is helderheid in de uitwisseling. Een open transactie, waarbinnen je de omstandigheden zó helder hebt gemaakt, dat van verwarring geen sprake meer kan zijn. Alleen op die manier kan de ander ook mee. Anders blijf je samen veinzen. 

CONTEXTUEEL KIJKEN. 

Laten we er eens theoretisch naar kijken: Als je de wereld systemisch en contextueel beschouwt, valt vrijwel iedereen in beginsel in de categorie ‘leuk mens‘. We zijn immers een construct van de context waarin we ons bevinden. Wie we hier zijn, is niet wie we om de hoek zijn; dat maakt de context. En we zullen nooit hetzelfde blijven. We zijn nooit af. En dat is ook precies de bedoeling. Anders komen we geen stap verder.

Dat dit voor veel mensen ontiegelijk moeilijk te bevatten is, mag ook duidelijk zijn. Wie zit er nou te wachten op een verandering als je het naar je zin hebt? En de mensen die het vrijblijvend-veranderende wèl omarmen, vallen net zo regelmatig in de valkuil: Want, contextueel naar de wereld kijken betekent absoluut niet dat je geen verantwoordelijk draagt voor je gedrag in het moment. Of, dat je onaardige handelingen kunnen afschuiven op de omstandigheden. Omdat het ‘nou eenmaal zo liep’. Beslist niet. Verantwoordelijkheid nemen voor gedrag is van alle tijden, in alle omstandigheden.

Contextueel kijken vraagt daarbij een meerzijdige partijdigheid, waarin alle betrokkenen erkenning krijgen. Dit laatste is voor veel mensen zó complex, dat ze zwart-wit denkend, onoverkomelijke grenzen voor elkaar construeren (het is niet voor niets dat mensen boos worden, als een ander aangeeft door hen gekwetst te zijn).

FOCUSSEN, FLANEREN EN VLINDEREN. 

Zonder in vreselijk holle retoriek terecht te komen en termen als ‘dialoog’, ‘inclusie’ en ‘verbinden’ te moeten gebruiken (je kunt soms praten tot je een ons weegt en geen stap vooruit komen), ben ik contextueel gaan kijken en dan wil nieuwe taal nog wel eens helpen. Een uitweg om van het absurde werk-privé onderscheid uit te komen! 

Als je de schotjes tussen ‘werk’ en ‘prive’ gewoon weghaalt, blijven er enkel ‘relaties’ over. En die relaties zijn er in miljarden variaties. Ieder mens is immers uniek, plak daar een ander mens aan vast, plus de interactionele lijn tussen hen in en je hebt drie unieke elementen. De interactionele lijnen worden áltijd gevoed en beïnvloed door de omgeving waarin ze zich verbinden en de dingen die de actoren (de mensen) daarbinnen meemaken.

Vrij eenvoudig eigenlijk.

Daarna hoef je enkel te kijken naar kenmerken die bij de relaties passen en met welke energie je in het contact staat, of wilt staan. Alweer vrij eenvoudig. Ik categoriseerde drie termen en omdat ik nogal van alliteraties houd, beginnen die allemaal met de fffffffffff-klank.

FOCUSSEN: Op het moment dat je vanuit een doelmatig handelen samen met iemand aan de slag gaat, verdwijnt de open ruimte. Er ontstaat een vernauwing. Tijdens de experimenteerfase kan die open ruimte er nog zijn, maar zodra je in productie komt, ontstaat er geheid een fase van versmalling en focus. Dan ben je op aan het trechteren, met het oog op de uitkomst. Beetje freewheelend associëren is er dan niet meer bij. Anders komt het project of product nooit af. Daarnaast werkt het ook bij trainingen en sessies zo, dat het nooít over iets anders gaat dan het afgesproken doel. Misschien kan het ogen alsof er andere lagen bij komen, maar dan moet dat benoemd en verandert het construct.

Als ik een programma in elkaar moet draaien, een proces uitschrijven, of een training maken, dan kan ik dat in (vrijwel) alle gevallen het beste in mijn eentje: Het scheelt me tijd en veel afleiding. (Bewezen) effectiever is het om in je eentje te brainstormen en daarna efficient de ideeën te verzamelen (lullig hierbij is dat er onmiddellijk helder wordt wie de creatieve inzichten op zak heeft). Persoonlijk ga ik daarom liever werkconstructies aan waarbij iedereen verschillen taken heeft. En er veel – zeer veel – erkenning is voor ieders unieke bijdrage. Het is overzichtelijk, helder, scheelt bakken ruis en je bent eerder klaar met focussen (wil overigens niet zeggen dat het niet gezellig is).

FLANEREN: zorgeloos rondslenteren en drentelen zonder doel’ zeggen de woordenboeken. Sommige boeken voegen daar nog ‘om gezien te worden aan toe. Een fijne beschrijving waarin weinig moet en veel mag. Met als enige doelmatig uitkomst dat alles dat ter tafel komt, ook bestaan mag. Het ‘zijn’, zonder iets te moeten. Het verrijkt en – ja, daar is de holle frase – verbindt. Als het kon, flaneerde ik de hele dag. Flaneren kan namelijk ook zeer goed in je eentje.

Flaneren of Focussen onderscheidt zich niet in ‘werk’ of ‘privé’, maar … in tempo en tijd. Als je focust omdat er iets gemaakt moet worden, zit je per definitie in chronos-tijd, waar flaneren meer het kenmerk heeft van kairos. De kunst is natuurlijk om beide als een vloeiend oneindigheidsteken in elkaar over te laten lopen en zo in flow te belanden. Met sommige mensen kun je flaneren, met anderen focussen en met enkelen kun je beide.

Hoe regel je dit? Hoe kom je er achter welk element energie geeft om samen mooie dingen te maken? Ik hoefde niet ver weg te zoeken: Mijn hele leven ben ik al omgeven door geliefden die samenwerken. Mijn broer en schoonzus hebben samen een bedrijf. Mijn ouders navigeerden samen door alle werkdingen. Mijn opa en oma hadden samen een bedrijf. Mijn pake en beppe hadden samen een bedrijf. En iedereen in de familie moest meewerken. Wat natuurlijk lang niet altijd goed ging. ‘Met familie moet je wandelen, niet handelen‘ zei mijn moeder eens. En precies dat laatste bracht me bij de oplossing van flaneren. Flaneren vraagt een andere manier van kijken. Flanerend heb je veel meer ruimte om ook even met aandacht naar elkaar te kijken, terwijl je focussend op een project of product een andere blikrichting hebt.

VLINDEREN. Dan zijn er nog de zwerm, veld, netwerk en community-processen. Dynamieken die veel weg hebben van de energie van een middelbare school, of dorpsgemeenschap. Het krioelt, iedereen kent elkaar van naam, maar niet iedereen gaat met elkaar om of heeft ook maar enig idee wie de ander is. De beste fijnste manier om je in zo’n krioelende menigte op je eigen manier (en in je eigen tempo) te bewegen is, door te vlinderen.

Ik hoorde de term voor het eerst tijdens mijn studententijd, toen ik iemand vertelde dat ik het liefst in mijn eentje de stad in ging, zodat ik altijd de vrijheid had om ergens anders heen te gaan als ik wilde. ‘Ah, vlinderend‘ zei de ander. Exact! Later ontmoete ik mensen die net als ik van vlinderen houden, en met wie ik dat ook nog eens heel goed kon. Dan gingen we samen naar een evenement waar we niemand kenden, spraken elkaar de hele bijeenkomst niet, maar kwamen elkaar bij de uitgang weer tegen, om flanerend naar buiten te wandelen en vervolgens te focussen op wat projecten. Mijn persoonlijk ideaal! En werkte ik dan met die mensen, of waren we ‘privé’? Het onderscheid doet er niet meer toe. De handeling creëert de relatie, in plaats van andersom.

1, 2, 3, TESTING, TESTING.

De afgelopen twee weken testte ik de nieuwe terminologie en het lijkt me een grote dienst te bewijzen. Het illusionaire onderscheid tussen werk of privé is nagenoeg verdwenen en de twee mensen die in mijn mailbox om koffie en ‘inspiratie’ vroegen, kon ik simpel uitleggen dat ik op dit moment op andere dingen focus, maar best even wil ‘flaneren’. Tja, flaneren als woord wordt nog wel een dingetje, maar dat is met alles dat verandert; we zitten er zelden op te wachten…

 

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.