Waarom je niet alles moet geloven wat je lichaam zegt

Een jaar of vijftien geleden liep ik ongetraind een 10km in Hoorn, terwijl mijn toenmalige vriend de halve marathon deed. ‘Leek me leuk,’ was mijn reden. ‘Jeugdsentiment’. Ik deed er een uur en tien minuten over, en de loop herinner ik me als de dag van gister. ’s Avonds lag ik namelijk kotsend in mijn bed – was veel te ver gegaan. Maar hé, ik deed het toch maar mooi even. Ongetraind.

Het fenomeen bleef fascineren, want hoe kon het dat ik overdag niks gevoeld had en ’s avonds signalen kreeg. Er zijn verschillende verklaringen voor; dat wil genoeg zeggen. Je zou kunnen veronderstellen dat ik was gaan dissociëren onderweg, mijn lijf had uitgeschakeld en het zo gered had (erg aannemelijk, want dissociëren kan ik goed). We dissociëren trouwens allemaal geregeld en schadelijk is het niet. Buitengewoon functioneel bij de tandarts in de stoel. Ik gebruik het zelf altijd als ik in de vrieskou naar huis moet; dan verbeeld ik me dat ik in bikini op Hawaii loop en heb het accuut 5 graden warmer. Ook meditatie is voor veel mensen stiekem eigenlijk een dissociatiemomentje, maar de grens ligt zeer nauw. Zodra je weer associeert en in je lijf ‘valt’ is de connectie terug.

Een ander argument is mentale (wils)kracht. Ik groeide op aan de overkant van Hoorn, het IJsselmeer (Lemmer), waar ik mijn jeugd veelal sportend doorbracht. Mijn hardlooptraining was zelfs op de dijk van Lemmer naar Urk, aan het water. Jeugdsentiment dus om in Hoorn hard te lopen. Sentiment kan een enorme drijfveer zijn, die je zeker 5km vooruit pusht.

Een derde argument was het lichamelijk geheugen. Lichaamsgeheugen wordt nog steeds onderschat in de westerse samenleving. In de uitvoerende kunstwereld, maar ook in de sport en psychologie is het logica, maar dat is niet in alle velden gebruikelijk. Het spiergeheugen daarentegen kennen de meeste mensen wel. Maar goed, lichaamsgeheugen dus; je slaat elke fysieke ervaring in je lichaam op. Daarom kunnen mensen na jaren niet gefietst te hebben, nog steeds fietsen. Maar het lichaam verandert ook: Cellen vernieuwen (regeneren) zich na verloop van tijd. Zo regenereert je huid zich ongeveer iedere 70 dagen, en kunnen eigen stamcellen nieuwe cellen creëren.

Het lichaamsgeheugen reageert vooral op oude ervaringen. Dit komt omdat ons lichaam verbonden is aan ons brein. Als ons limbische systeem (het deel van de hersenen dat o.a. emoties reguleert) dus een oude ervaring herkent, antwoordt het lichaam daar met een reactie op. Dat is lang niet altijd je ‘onderbuikgevoel’ of ‘intuïtie’, maar gewoon een opgeslagen herinnering die wellicht nu allang geen dienst mee doet. Pure
neurologische wetenschap. In dit specifieke hardloopvoorbeeld werkt het lichaamsgeheugen als volgt; ik heb als tiener (1/4) triathlons gedaan en was sporten een sociale activiteit in ons dorp. Mijn lichaam vindt bewegen ‘gezellig’, heeft het veel gedaan en kan daardoor makkelijk in de modus dat het al kent.

Hoe werkt intuïtie dan?

Er zijn talloze redenen waarom een lichaam ‘geluid’ maakt en wat het te vertellen heeft. Dat zie je al in het simpele voorbeeld hierboven. Je buik wil niet altijd zeggen dat je een blokje om moet lopen als het geluid maakt, maar ook dat er nu iets bijzonders aankomt. Dat kan net zo goed positief zijn, spannend is het sowieso. Hoofdpijn is niet altijd een kwestie van spanning en druk, maar kan ook optreden op het moment dat je juíst ontspannen raakt (als de schouderspieren ontspannen, kun je hoofdpijn krijgen als reactie). Wat een lichaam te vertellen heeft, vraagt van ons een secuur luisteren. En in het stellen van de juiste vragen aan jezelf. Wat voel je? Waar voel je het? Ontstaan er beelden? Of misschien een kleur, substantie of vorm? Kun je het lichamelijk gevoel veranderen? Soms lost iets vanzelf op als je er even aandacht aan geeft. En soms wil het er gewoon even zijn.

Ik tref vaak mensen die hun intuïtie direct koppelen aan het verhaal van hun lichaam. Nu is intuïtie in deze tijd een enorm complex begrip, waar we eigenlijk vanaf moeten blijven (daarom ga ik het er nu even over hebben ;)). Het moet vooral gewoon functioneren. Het er over hebben maakt het regelmatig verheven en ijdel, waardoor het per definitie niet meer werkt. Waar het woord eind 20ste eeuw nog vooral gekoppeld werd aan spiritualiteit, begint het nu steeds meer als een verzamelnaam te dienen voor allerlei sensaties die je waarneemt. Wellicht is dat goed en ontstaat er langzaam een bewustzijn waar alle dimensies (mentaal, spiritueel, emotioneel en fysiek) een gelijkwaardige rol mogen spelen. Intuïtie bevindt zich niet enkel in je lichaam (!) Er leeft daar net zo goed gevoel, met emotie. Er zijn neurologische reflexen, met oude verhalen (lichaamsgeheugen). En dat heeft niets met intuïtie of de juiste beslissing te maken. Als ik enkel mijn lichaam gevolgd had de afgelopen twaalf jaar, dan was ik absoluut niet waar ik vandaag ben… Ons lichaam fopt ons dagelijks. Geloof niet alles dat je voelt.

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

© 2020 Annette Dölle . Theme by Viva Themes.
%d bloggers liken dit: