Gras groeit niet harder als je er aan trekt. Over groepsimmuniteit



Gras groeit niet harder als je er aan trekt’. Sterker nog, vrij weinig groeit harder als je trekt. Vaak gaat het zelfs stuk. Dan heb je twee helften. Kan ook buitengewoon handig zijn, maar enkel in specifieke gevallen. Als je iemand aan gras ziet trekken, is het dus in eerste instantie noodzaak om te vragen waarom er getrokken wordt… Misschien ga je zelfs wel helpen als het je zinvol lijkt. Of je pakt de maaimachine. Dan ben je meteen van het hele grasveld af. Kan ook nog.

Wat er in de gras-groei-metafoor niet ter sprake komt, is de achtergrond van ‘je’ in de zin. Wie is je? Waar wil je naar toe? Niemand weet waarom je trekt. Niemand vraagt het je. Misschien heeft het gras zelf wel aan je gevraagd of hij even wilde trekken. We weten het niet. Wat heeft je eigenlijk nodig? We zijn enkel bezig met onze blik gericht op het gras. We trekken nonchalant mee, pakken de maaimachine, of we veroordelen je. Maar op onderzoek uit gaan? Ho maar.

20ste eeuw

De gras-groei-metafoor (al heb ik hem de afgelopen decennia duizenden keren geciteerd) is een metafoor met oogkleppen en een egocentrische blik op de wereld. Niet met opzet! Kan dat gras ook niets aan doen. Dat staat daar maar te staan en hem wordt ook bijster weinig gevraagd. Feit is dat er een interactie plaatsvindt waar niemand meer vanaf weet.

In de 20ste eeuw was dit veel gewoner. We werkten top-down: Als je baas iets zei, dan deed je dat. Als de dokter iets zei, dan deed je dat. Als je ouders iets zeiden, dan deed je dat. Als de man iets opdroeg aan de vrouw, dan deed je dat. De (culturele) macht van de functie werd klakkeloos aan expertise gekoppeld en ‘dan zal het wel zo zijn’.
Maar daarmee slaan we de plank volkomen mis.

Het is makkelijk om het op een tijdsegment te gooien, maar soms helpt het om iets duidelijk te maken. En dat is nu. In de 20ste eeuw wás de wereld namelijk enkelvoudiger. De mondialisering en digitale middelen hebben de afgelopen jaren niet alleen ons blikveld vergroot, maar ons net zo goed een stem gegeven. Hierdoor kun je sneller en gemakkelijker dan ooit vragen stellen, ideeën delen en je expertise vergroten. Macht verschuift op die manier. Dit zagen we vanaf de jaren zestig in vrijwel elk vakgebied. Het spotlicht wordt nu ook op de unusual suspects in de groep gericht. Of op aspecten die niet direct in het oog springen. Kortom: We doen er allemaal toe. Los van onze positie.

Een wij bestaat uit meerdere ikken

Met teams doe ik standaard een korte oefening waarbij je je eerst focust op je eigen bubbel. De cirkel om jezelf heen. Onder je voeten door en boven je hoofd langs. ‘Hoe voelt die bubbel?’ is de essentiële vraag. Maar we praten niet, het gaat om de beleving. Daarna vraag ik de teamleden om zo’n zelfde bubbel te visualiseren om de groep. Onder onze voeten door en boven ons hoofd langs. ‘Wat ervaar je nu?‘ Dit duurt niet langer dan een paar minuten. In elke groep, telkens opnieuw, zijn er mensen die hun eigen bubbel loslaten zodra ze de bubbel om de groep plaatsen. Standaard. En vrijwel iedereen ontdekt dat hun individuele bubbel anders voelt dan de groepsbubbel. Beide bubbels hebben we nodig om als team optimaal te kunnen functioneren. Dit blijkt keer op keer onontgonnen gebied.

Op de één of andere manier hebben de meesten van ons als kind geleerd dat je je eigen ruimte moet loslaten zodra je samen speelt of werkt. Dat je eigen ‘ik’ er dan even niet meer toe doet. Dit komt mensen die wèl sterk gericht zijn op hun eigen ik, meestal goed uit. Als jij namelijk je eigen ruimte loslaat, kunnen zij de hele ruimte vullen. Doen ze ook niet met opzet! Is een scheef gegroeid patroontje, net als het gras.

Het herschikken van de dynamiek

Als we groepsimmuniteit willen creëren, zit er maar één ding op: het herschikken van de dynamiek. De overheid trekt nu aan het gras. De medische experts trekken nu aan het gras. Het collectief trekt nu aan het gras. Níet om te eisen dat het sneller groeit, maar met een zeer specifieke reden: Om de oude dynamiek te breken en er een gezondere voor in de plaats te brengen.

Het is noodzaak (op alle fronten) dat de verhoudingen verschuiven. Als ik in Amsterdam een rondje wandel (waarbij ik meters afstand houd van anderen) zie ik de groep zwervers dagelijks groter worden in het park. Ik zie mensen die zich onttrekken aan de collectieve afspraak en in groepen van twintig staan zweten op sporttoestellen. De lege flessen van de nacht ervoor stapelen zich op naast de bankjes. De tieners fietsen met hun ziel onder de arm door de straat. En dagelijks lachen de kinderen net iets makkelijker als ze buiten spelen, omdat het zo rustig is. Het is bijzonder om te ervaren hoe de stad opeens een dorp aan het worden is. Van haar bewoners. Van de mensen in de huizen die de stad vormen. Er zijn moeilijke aspecten, maar het ontroerd ook: Deze herschikking van de dynamiek.

We zijn een grasveld

Ik gebruik de metafoor van het gras zelf enkel in contexten waar ik leraar ben, procesbegeleider of een therapeutische interventie moet doen. In situaties waar ik volkomen dienstbaar ben aan het individuele, zeer legitieme egocentrische groeiproces en -tempo van een ander. Dan doet mijn persoonlijke ontwikkeling even niet mee. Maar ik gebruik de metafoor nooít als burger, dochter of vriendin. Dan gaat het over gelijkwaardigheid. En communicatieve interactie. Over een grasveld waar we (ik en de ander) allemaal onderdeel van zijn.

Als het grassprietje zich gaat realiseren dat het er niet om gaat dat hij sneller groeien moet (groei gaat áltijd in je eigen tempo. Onbetwistbaar), dan kunnen we gaan schakelen. Als we groepsimmuniteit wensen, is er een sociale paradigma shift nodig. Op humaan gebied. Met communicatie, om elkaar uit te leggen waar we zitten in het verhaal. Dan is het noodzakelijk dat elk grassprietje zich realiseert dat het onderdeel is van een grasveld. Waarin we enkel bestaansrecht houden bij de gratie van het collectief.


One Reply to “Gras groeit niet harder als je er aan trekt. Over groepsimmuniteit”

  1. michaelblogt schreef:

    Interessant artikel met verschillende dingen om over na te denken

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

© 2020 Annette Dölle . Theme by Viva Themes.
%d bloggers liken dit: