De zon werpt kleurrijke stralen op de tent waar we in staan. Het gras piekt voorzichtig tussen de naden door en schaduw zorgt voor een verkoelende frisheid. Op de grond ligt een bordspel. Het lijkt op ganzenbord. Alleen heeft dit spel verschillende categorieën vragen die uitnodigen tot gesprek. Over gedrag, keuzes en beleving. Ik sta aan de zijkant van de tent. Als fly on the wall luister ik mee met de groep die het spel speelt. Na een tijdje komt er een vraag omhoog – ‘Mag ik ook iets vragen?‘ zeg ik zacht tegen de begeleider en de groep. Uitnodigend wordt er geknikt en ben ik plotseling een deelnemer geworden die op de rand van observatie bungelt.
Het kwartier dat ik de dialoog van het spel volg blijft me nog dagen bij.
Door de gesprekken die zich als vanzelf openden. Maar meer nog door de begeleider die het spel introduceert en vrijwel ruisloos de mensen meeneemt blijft het moment me nog dagen bij. Haar vragen zijn concreet en handzaam. Gericht op de essentiële blending tussen waarneming, gevoel en gedrag. Niet zweverig of afdwalend naar problemen die niet bestaan. Maar met licht. En openheid naar praktische antwoorden. Het is altijd lastig om te duiden waardoor je weet dat iemand niet met zichzelf bezig is – het is een onderbuikgevoel of stroom energie die door je hartstreek fladdert. En dan weet je dat het werkt. Dit werkt.
Ook in organisaties kom ik ze eens in de zoveel tijd tegen – Het zijn leidinggevenden die geen leiding geven maar wijsheid brengen. Die schijnbaar achterover leunen, en ondertussen sturend zijn. Die zonder het hardop te verwoorden íedereen zien en ruimte bieden om er direct concreet gedrag aan te koppelen. Ze laten je niet los, terwijl je altijd voelt dat je vrij bent. Zo’n leidinggevende is deze begeleider.
Het spel in de kleurrijke tent laat me weer even feilloos zien hoe luisteren werkt.
Oprecht luisteren vraagt om de kunst jezelf los te maken van alles dat je al weet, kent en waar je mee associeert. Om je vervolgens in verbinding open te stellen voor dat wat er tussen jou en de ander gecommuniceerd wordt. Geen vooronderstellingen, aannames of ingevulde antwoorden. Niet je kennis voor het voetlicht brengen of je eigen vraagstukken inwendig oplossen. Maar open zijn. Voor het verhaal dat de ander met je deelt. Het doel is immers niet om iets op te lossen, maar om te delen. Autonomie en verbinding in de meest praktische zin van het woord.
Vanmiddag las ik in de krant over het begrip ‘Akrasia‘
Toen ik vanmiddag de krant opensloeg viel mijn oog op een artikel met het woord ‘Akrasia’. Het is oud Grieks. En betekent zoveel als handelen tegen beter weten in. Een wilszwakte waarbij je je beseft dat het ene beter voor je is, en je toch het andere doet. Hoewel de oude Grieken hierbij verschillende nuances onderscheiden deed het me denken aan een ontwikkelingsproces naar de beheersing die je nodig hebt om jezelf ‘leeg’ te maken tijdens een dialoog – dat wat ik goede leidinggevenden en begeleiders zie doen als het gelukt is. Op momenten dat ze de rompslomp om zichzelf heen loslaten, om de ander antwoorden te laten vinden.
Bij Akrasia is er nog geen sprake van balans. Maar van een helder weten, dat (nog) niet tot handelen komt. Het bracht me bij een fenomeen dat ik al een tijdje ‘liegend luisteren’ noem. Geen chique term, en ook niet zo aardig bedoeld. Het is misleidend handelen: Je doet bewust A, maar bedoelt bewust B.
De weg daartussen zouden we ‘akratisch luisteren‘ kunnen noemen, besloot ik. Want, hoe opzettelijk slecht is het eigenlijk als het even niet lukt om onszelf uit te schakelen. Om de leegte in het moment aan te gaan? Een simpel moment van wilszwakte dat ons menselijk maakt. Dat hoeft niet direct uit te monden in onethisch of bewust misbruikende taferelen. Zolang er een zuivere intentie is kan ‘akratisch luisteren‘ bijdragen aan een leerlandschap en ontwikkelingsproces waar je lerend bent. Zolang het mag bestaan.
Het wordt pas problematisch als je met voorbedachte rade misleidt
‘Liegend luisteren’ raakt aan gedrag waarbij je met voorbedachte rade iemand misleidt. De tegenhanger van Akrasia. Door opzettelijk en bewust een luisterende houding aan te nemen – minuten, uren of sessies lang – met een ander doel dan te willen begrijpen of horen. Met een ander doel dan gezamenlijk te willen ontwikkelen. Met een ander doel dan wat de ander denkt of weet.
‘Liegend luisteren’ is de plek waar ongelijkwaardigheid begint: Zodra de verbinding niet voor beide partijen met een open vizier bestaansrecht kent, ligt er op de lange termijn ongelijkheid op de loer. Prima als je een ander doel dan luisteren hebt. Maar benoem dat. Om in verbinding te kunnen groeien is het noodzakelijk dat je aan de voorkant je persoonlijke doel mág delen. Fair enough, de ander kan weg gaan of je afwijzen. Maar als de ander verblijft in een leugen, heb je bij voorbaat al verloren. Dit benoemen is het begin van gelijkwaardigheid.
Weten wanneer je de leugen laat bestaan, terwijl je het in neonletters ziet verschijnen
‘Het helpt als je in die onoprechtheid kunt verduren, Annette’ zei een vriendin me afgelopen zomer. Ik vroeg me af of mijn wens naar oprechtheid teveel vraagt. Op werkgebied is de code glashelder – hoe oprechter ik ben, hoe beter mijn werk gaat. Prive verschuift dat nog wel eens. Als tiener verduurde ik. Als jong volwassene stopte ik daarmee. Om er als begin veertiger weer mee te beginnen. Tijdens corona ben ik er weer mee gestopt. For the sake of honest connections.
De rest van mijn leven zou ik graag balans hebben. De acceptatie dat ‘akratisch luisteren‘ een groeiproces is. Dat het niet voor iedereen eenvoudig is om in contact te ervaren of ze oprecht zijn. Soms moet iets even bezinken. Durven ze zich niet te uiten in verband met angst voor dat wat er komt. Zodra je begrijpt dat feedback enkel informatie is die nooit over jou gaat maar over de context, is er weinig aan de hand. Je hóeft daar niets mee te doen als je het anders ziet. Zolang je het maar kunt delen. En er een handeling aan mag koppelen.
Helaas is niet iedereen op deze manier opgevoed. ‘Ik heb liever iemand die me met oprechte woorden afwijst, dan iemand die vanuit schone schijn met me in contact blijft.‘ leg ik de vriendin op het terras uit. ‘Ik voel het toch als iemand liegt. Alle lagen communiceren. Er komt dan verschillende informatie binnen.’ Voordat iemand zich nu zorgen maakt – Dit is absoluut geen halszaak. Mijn leven is zó gelukkig dat ik ruimte heb om me met dit soort nuances bezig te houden. De soep wordt veel kouder gegeten dan hij überhaupt opgediend wordt.
Maar soms kom je plotseling in een bos even iemand tegen
Soms kom je in je filosofische denkproces een leidinggevende of begeleider tegen. Iemand die hierin tijdens een proces een prachtige balans laat zien. Wijsheid deelt, maar antwoorden achterwege laat. En is het een cadeau om dan te kunnen meegenieten van het ontwapende proces dat gelegd wordt. Door het collectief. Je te laten voeden. In een kleurrijke tent. Op een zonnige dag. Waar anderen mogen instappen, delen en ontvouwen wat er bij hen binnenin gebeurt. Met altijd de vrije keuze – om akratisch te zijn, liegend luisterend, of door in oprechtheid te delen…
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.