In 2024 was ‘onderstroom’ ongetwijfeld wederom één van de meest gebruikte woorden in mijn werkomgeving. Niet specifiek door mij, maar door mijn klanten. ‘Digitale transformatie’ scoorde natuurlijk ook hoog, net als ‘zelforganiserend’. Met digitale transformatie heb ik weinig – anders gezegd, ik vind de term erg tijdgevoelig en wil er daarom niet te veel mee doen. Zelfs als je de term weghaalt namelijk, is het nog een onontkoombaar proces dat sowieso gebeurt. Hóe je mensen leert om met digitale producten om te gaan – dát vind ik dan wel weer relevant. Maar goed, dat laat ik graag aan anderen. Zelforganisatie staat al zo’n twintig jaar op mijn radar – daar groeide ik in op. Hoe we gedragsdynamisch met elkaar omgaan is meestal een indicator waar klanten me voor bellen.
Ik had aanvankelijk nog steeds wat weerstand tegen het woord ‘onderstroom‘, maar vooral omdat ik nog steeds merkte dat de definitie op allerlei plekken verschilt. Tijdens eigen verdieping kwam ik verschillende verklaren tegen. Dit maakte het steeds interessanter – er lijkt geen eenduidigheid in te bestaan. Ik schreef er in 2023 ook al eens over. Toen focuste ik me op dat wat niet gezien wordt. Dit is voor mij persoonlijk nog steeds de kern van het begrip. Tijd om er nog eens verder in te duiken…
Er was eens… een onderstroom
Jaren geleden (inmiddels flink verjaard) werd ik uitgenodigd voor een ‘pioniersgroep’. Het leek de drie oprichters een goed idee als mensen die – in hun ogen (hallo, onderstroom) – voor de troepen uitlopen bij elkaar zouden komen om gelijkgestemden te ontmoeten. In een ontspannen context weliswaar. Fascinerend daarin was dat de genodigden elkaar allemaal allang kenden, of via één berichtje op sociale media konden uitreiken. Ik vermoed dat de ‘pioniersgroep’ daarom vooral om ontspanning te doen was. Maar goed, op een zonnige najaarsdag werd ook ik uitgenodigd.
Vrijwel meteen had ik dubbele gevoelens. Ik ben (genetisch behept) nogal wars van elitaire clubjes. Dit gebeuren deed me daar erg aan denken. Clubjes vind ik prima. Fantastisch zelfs! Maar dan wel graag een clubje waar íedereen mag komen als je je aan afgesproken waarden en normen wilt houden. Of dezelfde hobby of sport beoefent. Niet omdat je als mens aan onduidelijke voorwaarden (of prestaties of een inkomen) voldoet.
Gelukkig was ik tijdens het geplande samenzijn op reis in Nepal en kon met goed fatsoen het weekend afzeggen. Klaar. Toen ik dit maanden later aan iemand vertelde kwam de aap uit de mouw… Wat bleek? Eén van de drie oprichters vond mij een pionier. De andere twee niet. Daarom besloten de twee die me afwezen mij het te onderzoeken. Zo waren ze dan ook wel weer (enig cynisme kan ik hierbij niet onderdrukken, sorry).
Dit deden ze op een netwerkevenement waar we allemaal aanwezig waren. Eén van hen vroeg of ik samen wilde eten. Mijn naïeve inborst zag direct een sfeertje van gezelligheid opborrelen en ik knikte vrolijk. We liepen naar een tent waar fauteuils en chesterfield banken stonden. Maar zodra ik in één van de stoelen zakte beproefde ik een groezelig en rafelig laagje energie. Níet herleidbaar en zeker níet zichtbaar. Ik kon het niet duiden. Dus bewoog ik mee, zonder te begrijpen welk spel we speelden.
In die tijd betrok ik dergelijke dynamieken nog voornamelijk op mijn eigen persoon. Dan kom je in interne monologen terecht zoals ‘Misschien vind ik het spannend?‘ ‘Wil ze eigenlijk wel samen eten, want zo voelt het niet’. Dit deed ik natuurlijk niet hardop, maar inwendig terwijl het gesprek zich voortzette. Tegenwoordig vlieg ik zulke situaties anders aan, maar een jaar of vijftien geleden zat ik er helaas nog wel zo in en gaf de ander kans-op-kans-op-kans-op-kans.
Dat ik zaken energetisch nauwgezet opvang wéét ik natuurlijk, maar in prive context deed ik daar uit integriteit nooit iets mee. Dit was er de jaren daarvoor ingeslopen toen ik leerde om mijn energie van die van de ander te onderscheiden. Ik ben een fervent aanhanger van de wetmatigheid die stelt dat je nooit onuitgenodigd energetisch leest (met andere woorden: iemand onuitgenodigd readen is verboden). Dat trok ik ver door, waardoor alles ‘uit’ gaat zodra ik in een prive situatie ben. Maar dat betekent uiteraard niet dat ik niets meer waarneem – Mijn zintuigen werken nog prima. Ik ‘lees’ alleen niet wat ik waarneem. Ik gaf er geen duiding aan. En ik weet, zie of voel dan enkel onafgestemde lagen, die smerig kleuren met elkaar.
Dít proces kun je scharen onder de symbolische onderstroom. Waarbij dat wat niet gezegd wordt, wel bestaat. En vakkundig weg gelaten wordt. Om wat voor reden dan ook.
Het eten werd er niet ontspannener op. Ondertussen voelde ik me alsof ik in een sollicitatiegesprek zat. Zonder te weten wat ik winnen kon. Gelukkig liepen er nog driehonderd mensen op het netwerkevenement rond en duurt eten niet zo lang. We lieten ‘los’ en gingen elk onze eigen weg. Vijf maanden later hoorde ik dus dat dat bewuste ‘etentje’ inderdaad een sollicitatiegesprek was geweest, waarna er door de drie oprichters besloten was dat ik uitgenodigd mocht worden voor de zogenaamde pioniersgroep. Lang leve Nepal.
Dit is dus een Onderstroom
Het woord ‘onderstroom‘ is de laatste jaren steeds prominenter aanwezig in de gedragsdynamiek. Bij gedragstrajecten en teamprocessen die ik begeleid komt het woord vaak voorbij en wordt de connotatie vrijwel altijd negatief geduid. Dit zie ik zelf iets genuanceerder – In de definitie die ik hanteer is alles dat zich net onder de oppervlakte bevindt waardevrij, zolang er nog niets mee gedaan wordt. Breng je het in het licht? Handel je actief op de processen onder water? Pas dan ontstaat er waarde.
Precies om deze reden vind ik het soms ook véél beter om dingen te laten liggen, en er geen ruchtbaarheid aan te geven. Niet alles heeft direct baat bij woorden. Soms is het veel helender als het on-gezegde onder water verder stroomt en losgelaten wordt. Dan transformeert de groepsenergie vanzelf. In andere gevallen móet de onderstroom besproken worden. En in álle gevallen helpt het altijd dat iedereen dat wat onder water leeft op zijn minst een beetje begrijpt.
Definities over de ‘onderstroom‘ variëren. De ene duider laat de hele bedrijfsvoering er onder vallen, naast historische grondslagen en culturele waarden. De ander houdt het bij onderhuidse gedragingen, het niet-gezegde en de sociaal-culturele bedding in een organisatie.
Sommige mensen vinden dat het altijd benoemd moet worden, terwijl anderen daar juist tegen of genuanceerder in zijn.
In het voorbeeld hierboven zie je hoe een door-mij-gevoelde-onderstroom een gespreksdynamiek kan beïnvloeden. Ik heb je bewust een voorbeeld uit mijn eigen leven laten zien. Vaak zit er geen slechte intentie achter, en willen mensen je vooral hun twijfels of onzekerheden besparen. Maar soms zijn ze kiezen ze een onnodig omslachtige weg om achter het antwoord te komen. Dat zal in dit geval ook zeker zo geweest zijn. Had deze persoon mijn visie over dergelijke clubjes geweten, en had ze de moed gehad om open tegen me te zijn, dan hadden we een prachtige, verrijkende dialoog kunnen hebben. Maar ze kende mijn visie niet, onderzocht het niet en had niet in de gaten hoe helder ik energie-lagen aanvoel.
Het verschil tussen een onderstroom en bovenstroom
In sommige gevallen – waar de meeste mensen waarschijnlijk aan denken bij de onderstroom – kan er ook bewust en kwaadwillig informatie weg gehouden worden. Of wanneer mensen opzichtig laten merken dat er geheimen leven. Dit creëert bekendere processen zoals uitsluiten, uitspelen of zelfs ‘cancelen’. Ik noem dit de bovenstroom. Bij uitsluiting en uitspelen vindt gedrag allang in de ‘bovenstroom‘ plaats: In dit geval alles dat zichtbaar en gekend is. Zodra het gedrag feitelijk aantoonbaar is, kun je mensen namelijk aanspreken en is direct handelen de meest respectvolle en duidelijke route. De ander kan hier wel boos om worden, maar zonder pijn of schurend gedrag in een nieuwe werkelijkheid belanden is enigszins naïef.
Wat de betrokkenen uit mijn persoonlijke voorbeeld met de ‘pioniersgroep’ zich niet beseften is dat we als mens op allerlei lagen sensaties kunnen waarnemen. De één kan dat waarnemen iets nauwkeuriger dan de ander.
Simpel gezegd (op zijn Feynmaniaans) is de onderstroom daarom niets anders dan alles dat niet gezegd wordt, maar wel bestaat. Hoe je dit aanvliegt, waarneemt, of waar je aandacht aan geeft, ligt volledig aan je eigen visie. Een cognitieve gedragswetenschapper pakt dat anders aan dan iemand die aanhanger is van de positieve psychologie, de oplossingsgerichte hoek, de gestalt of de klassieke Jungiaanse stroming. De enige hulplijnen waar je voorzichtig mee moet zijn, zijn de mensen die geen onderscheid tussen visies kennen, enkel een doel voor ogen hebben en maar ‘wat’ doen. Vraag altijd naar de aanpak!
De Onderstroom is waarde-vrij
Nu wordt het leuk. Want, als je de onderstroom ziet als een waarde-vrije plek waar pas waarde aan gegeven wordt als het bovenwater belandt, kunnen er onder water dus potentieel prachtige dingen leven! Pas als wij er iets óf niets mee doen krijgt het betekenis.
Inherent hieraan is dat we een verantwoordelijkheid dragen zodra we gaan duiden. Dit sluit aan bij hoe Wittgenstein en Berkeley hier naar keken: Om te kunnen bestaan, moet je immers waargenomen worden. En de waarneming krijgt een eigenaar. Eigenaarschap, verantwoordelijkheid en een moreel kompas zijn onontbeerlijk als je besluit dat wat zich net onder de oppervlakte afspeelt naar boven te halen. Wanneer je de onderstroom zichtbaar maakt, word je deelgenoot van dat wat om welke reden dan ook níet gezien werd.
Hier zien we meteen één van de grootste valkuilen binnen het publiek domein: Medewerkers die pleiten voor meer openheid vergeten de omgeving te zíen, voordat ze de beerput open gooien. Ze ‘voelen’ iets – hebben niet gecheckt of dit feit of fictie is en vergeten ook hun eigen plek daarin goed te bekijken. Ze koppelen er gedrag aan of maken stennis in de werkomgeving. Het smeulende vuurtje wordt aangewakkerd, en dat wat even daarvoor nog rustig op de bodem van een watertje lag, belandt in een kolkende stroming. Welkom aan de ellende waar uiteindelijk alleen maar verliezers zijn..
Als de behoefte oprecht is en er terecht veel noodzaak leeft om gevoelens en intuïtieve inzichten te léren verbinden aan de werkelijke wereld, dan moeten we ons blijven beseffen dat het verantwoordelijkheid meebrengt wanneer je iets vormgeeft.
Hieraan vooraf gaat het stellen van vragen. Dit is de tweede reden waarom ik vanaf de fauteuil op het evenement mijn ongenoegen niet benoemde: Omdat ik de bron van mijn gevoelens niet zéker wist. Voordat je je gevoelens transformeert in overtuigingen die mensen ernstig kunnen schaden, móet je op onderzoek naar de bron. In mijn geval waren dat niet alleen de vragen die ik me tijdens het eten al stelde, maar ook in de zelfreflectie daarna, het afwijzen van de uitnodiging en pas maanden later het bespreekbaar maken van de gevoelens met een directe betrokkene. Waar ik tóen pas bevestigd kreeg wat er speelde.
Deze verantwoordelijkheid maakt dat je véél vragen moet stellen voordat je oordelen velt. Daarnaast zijn er meerdere manieren om scherper te kunnen ‘lezen’ wat er om je heen plaatsvindt. Dit scherper waarnemen doe je door je zintuigen te trainen: Zij geven informatie aan je hersenen. In je brein gebeurt vervolgens de decodering, verwerking en vertaling van alles dat je gevoel, smaak, geur, gehoor en zicht waarnemen.
Bovenstroom en onderstroom verbinden: De Onderstroom leer je het beste lezen door al je zintuigen te trainen
Lichaamstaal, paralinguale signalen en woordkeuze zijn niet de enige communicatie kanalen waarmee je boodschappen ontcijfert. Dit doe je ook door de sociale context te lezen (de verhouding tussen jou en de ander), de fysieke context (waar vindt de dynamiek plaats) en een energetisch lijntje.
De woordkeuze van iemand bepaalt maar voor ongeveer 10% welke boodschap jij als luisteraar ontvangt. Dit was de 7-38-55 regel van Mehrabian (jaren 70). Waarbij hij stelt dat 7% van de communicatie door taal gebeurt, 38% door de eerder genoemde paralinguale signalen (intonatie, ritme, toonhoogte etc) en 55% door het non-verbale. De uitvoerende kunst gebruikt deze kennis in films en theater en noemt het de ‘subtekst‘ in een script. Het is de symbolische onderstroom.
Je kunt hiermee spelen manipuleren tot je een ons weegt. Het is een naar gegeven dat mensen denken dat je door deze technieken in te zetten meer verkoopt, succes behaalt of serieuzer genomen wordt. Als je inhoud niet deugt, dan komt dat op termijn altijd uit. En wat er dan overblijft is dat mensen zich door je bedonderd voelen. Dus mag je het gebruiken? Jazeker, maar voor het goede! Om een gelijkwaardige, gelukkig en gezonde wereld te creëren. Niet om enkel je bankrekening te spekken en mensen te besodemieteren.
Naast de drie kernelementen van de communicatie is er natuurlijk meer waardoor we een boodschap ontleden: Informatie komt tot ons via onze zintuigen: Luisterend, kijkend, proefend, ruikend en voelend. De sensorische tak van sport voegt hier nog je evenwicht, beweegzin en organen aan toe.
Vervolgens moet alles nog gedecodeerd worden. Dit is een proces waarbij je hersenen alle zintuigelijke informatie omzet naar betekenis. De valkuil is hier dat ons brein uit verschillende onderdelen bestaat en we in onze limbische systeem (‘emotionele brein’) oude pijn, patronen en angsten hebben opgeslagen. Als je je hier niet genoeg bewust van bent (wat je kunt trainen) dan vertaalt je brein voor je het weet neutrale zintuigelijke informatie tot iets dat volledig gekleurd is! Om deze reden moet je jezelf absoluut niet al te serieus nemen en áltijd concreet vragen stellen en checken voordat je oordeelt. Zo communiceren we vervolgens met onze omgeving.
Extra vragen stellen als je twijfelt over je observatie
Als je verschillende signalen ontvangt binnen een dynamiek, loont het om extra vragen te stellen. Heb je de informatie goed gedecodeerd? Zijn er vooronderstellingen die je door eerdere ervaringen hebt opgeslagen? Dit bewust bespreekbaar maken kan voor de ander heel helpend zijn en hoeft helemaal niet als storend ervaren te worden. Behalve als iemand iets te verbergen heeft natuurlijk… Dan wordt het een ander verhaal (en een ander artikel). Soms moeten we daarin verlies incasseren, en je bewust blijven dat het op geen enkele manier je eigen zuivere communicatie in de weg mag gaan staan (zeker in de tijd waarin we nu leven).
Dit vraagt een manier om dat wat je bij jezelf onderwater waarneemt een plek te geven. Hierin liggen soms grote uitdagingen! Vaak is er weinig ruimte (of nemen mensen te weinig ruimte) om hun emotionele processen los te maken van de feitelijke waarneming. Zintuigen gaan dan aan de haal met autonome en gezonde perceptie. Je eigen vooronderstelling mag geen verwonding bij een ander veroorzaken. Juist daarom luistert het zo nauw om zowel naar jezelf als naar de ander te luisteren.
Als de Onderstroom Liefde is..
Als álles uit de onderstroom waarde-vrij is totdat wij er betekenis aan geven, dan kunnen er verschillende dingen gebeuren… Welke? Laat ik je uitnodigen voor deze prachtige generatieve vraag! ‘Wat kan er gebeuren als de volledige onderstroom, alles dat nooit gezegd wordt maar altijd aanwezig is, hardop verteld en gedeeld wordt?’
Het is verleidelijk hier zelf al antwoorden op de bedenken… De mooie woorden komen immers ook naar boven. De liefdevolle verhalen. De niet-gegeven complimenten. De stille bewondering. Wat zal dat met ons doen? Willen we alles weten? Of is het soms ook nodig om de stilte te laten werken? De vraag ligt er. Wees uitgenodigd!
.
.

.
.
.
.
.
.