‘Je bent zoveel vrolijker dan afgelopen zomer‘ zegt ze. Ik zit met een vriendin in een restaurant aan de kaasfondue. Haar man houdt niet van kaas, dus doen we deze winter samen een tourtje langs Amsterdamse fondues. Om ons heen kleurrijke pannetjes en dippende mensen. Het doet de sfeer goed. Mijn vriendin heeft gelijk. Sinds een paar weken valt het me zelf ook op. Alsof er een deken van verwijten van me afgegleden is, waarbij ik me met moeite staande hield. ‘Het leek helemaal niet bij je te passen, al was het natuurlijk oké dat het er was‘. Haar opmerking brengt ons bij een gesprek over hoe je je uitspreekt tegen vrienden, hoe belangrijk ruimte is, en hoe iets dat van buiten komt je van binnen kan verteren.
Het is de tweede keer dat ik er fijn, analytisch, op een abstracte manier zonder emoties over in gesprek kan. Ze vertelt me wat ze zag. En door haar spiegel besef ik me nieuwe dingen. Over hoe het op watertrappelen leek. Hoe ik zelf geen wijs werd over waar de kern lag. En dat elke nuance een nieuwe kern leek te zijn. Om moedeloos van te worden. De enige oplossing was er volledig doorheen te gaan. Wetende dat het een keertje losbreken zou.
En precies dat laatste gebeurde een week of zes geleden: Een onnoemelijke vrolijkheid.
In het vuur blijven zitten
Eén van de wijzen die me er doorheen sleepte was Arnold Mindell. Een tijdgenoot van Joanna Macy, en oorspronkelijke creator van het deep democracy gedachtegoed. Hij noemt dat nu worldwork. Mindell en Myrna Lewis (wiens variatie van DeepDemocracy we in Nederland vooral zien) scheidden hun wegen jaren geleden, en Mindell richtte zich meer op de therapeutische kant – een zeer gelaagd proces dat ruimte en tijd vraagt, en bakken zelfreflectie. Sinds de pandemie volg ik zijn processwork en is zijn boek ‘Sitting in the Fire’ een belangrijke leidraad geworden om opnieuw relativering in te vinden.
Ik ervaarde in diezelfde periode concrete uitsluiting die een paar jaar bleef doorgaan, waardoor ik niet meer naar ondernemersnetwerken toe durfde en merkte dat de weg terug naar verbinding met golvende bewegingen ging: Ethisch wist ik exact hoe ik mijn zuiverheid in stand moest houden, en wat ik moest doen om die integriteit te borgen. Maar de emoties van het verlies maakten dat ik het zwaar had zodra ik alleen was.
Een van de wetmatigheden die ik als hulpverlener allang had geleerd is, dat je eerst door je eigen proces heen moet voordat je het kunt delen. Wetenschap ondersteunt dit door een tijdsgat te adviseren tussen het technisch en emotioneel debriefen na een incident. En zo gebeurde het dat de liefste mensen om me heen, soms in mijn gelaagdheid verwarring terugzagen. Vol optimisme en geloof, maar met sprankjes verwijt die nog niet opgelost waren. En waar ik niet over sprak, omdat het een innerlijk werk was. Nu is dat klaar. Een absurd gevoel van vrijheid. Dat mijn werk met complexe gedragsprocessen zó veel beter en sterker maakt. En het delen van persoonlijke inzichten veel vrijer. Elke situatie brengt je winst als je je lessen pakt!
Mindell beschrijft dit persoonlijke element op een mooie manier in ‘Sitting in the Fire‘. Hij noemt dit de ‘cyclus of spiritual crisis‘. Hierin onderscheidt zich het grote verschil tussen consultancy en therapeutisch groepswerk. (zie foto)
.

Waar we nu als samenleving doorheen gaan
Wat we in micro-processen als individu meemaken, geldt regelmatig ook op grotere schaal. Zo creëerde mijn opnieuw verworven, persoonlijke vrijheid plotseling weer moeiteloosheid om gesprekken met heel boze mensen te voeren (note voor de nieuwe lezer* dit doe ik beroepsmatig al vijftien jaar, maar kreeg daar in 2020 ook moeite mee).
De projecten en trajecten die ik begeleidde zette ik de afgelopen jaren vast in een structuur van waarden en normen, en monitorde de gekozen gedragshandelingen die daaraan gekoppeld waren. Dit is een gestandaardiseerde combinatie die weinig rocket science bevat: Op het moment dat je waarden creëert in een groep, maar daar geen concrete handelingsperspectieven aan verbindt (lees: gedragsafspraken) dan is dat een recipe for disaster. Gevoel en ideologie moet namelijk landen op de aarde. En dat zien we terug in gedrag. Hier hangt betrouwbaarheid, afstemming en zuiverheid aan vast. Heel complex is het niet.
Echter, is deze congruentie wel vervelend voor mensen die liever een slag om de arm houden, of zichzelf als een uitzonderingspositie zien. Ze proberen dan via een exclusieve positie ruimte te pakken in een netwerk, of marcheren langs de mazen van de wet. Niks mis mee als het onschuldig en klein is. Of als je het inzet voor het objectieve Goede gegeven. ‘Sociaal sjoemelen’ noem ik het dan vaak. Ik doe het zelf ook regelmatig: Dansen met de regels. Omdat het eveneens de plek is waar serendipiteit en vernieuwing plaatsvindt. Maar het wordt gevaarlijk als anderen hiermee tekort worden gedaan. Als andermans leven negatief beïnvloed wordt, in vrijheid wordt gekort, schade krijgt of gedenigreerd wordt. Dan gaat het niet meer om het sociale, maar wordt het extreem a-sociaal en egocentrisch. De hype wil dit nog weleens narcisme noemen, maar diagnosticeren zonder bevoegdheid is een evenzo destructief handelen waarvan je ver weg moet blijven (!)
Dus wil je leiders die laten zien dat ze hun eigen verkondigde waarden en normen ook in de praktijk brengen. En moet je in gesprek om dit eerlijk te duiden. In het licht te zetten.
De brug naar het proces met onze ontwrichte politieke samenleving, is een directe uitnodiging om te gaan doen wat ik hierboven al in het klein beschreef: Welke waarden en normen streven we na en hóe ziet ons gedrag er dan vervolgens uit? Waar kiezen we voor het individu binnen het collectief, en hoe zorgen we dat iedereen daarin gezien wordt. Iedereen die in dit land woont.
‘Ga je echt met ze in het diepe gesprek hierover?’
‘Rank is a drug‘ schrijft Mindell. ‘The more you have, the less aware you are of how it effects others negatively‘. Een prachtige zin voor een waar perspectief. Zelfs als mensen er niet direct effect van lijken te ondervinden, heeft het invloed op elke handeling. We – iedereen die voor een groep staat – mogen dit nooit vergeten. Hier gaat mijn inziens ook de link naar ‘inclusie’ mank, omdat rechtvaardigheid inhoudt dat gelijkwaardig handelen een deel is van het geheel. Als je dit apart benoemt en in het licht zet, vraagt het dat je vervolgens ook apart allerlei indicatoren moet verzamelen die de eigenaardigheden van een mens beslaan. Wat een variatie krijg je dan! Denk aan alle letters die de gender-beweging inmiddels kent. Zou je simpelweg stellen dat iedereen vrij is op elk gebied, behalve gewelddadig, dan ben je nèt iets sneller klaar.
Wie zich vrij voelt van ranking, is gevaarlijk voor het collectief waar ranking in de onderstroom een imposante rol speelt. Dit bewustzijn neem je namelijk mee op het moment dat je in gesprek gaat met iemand die lijnrecht tegenover je staat in opvattingen. Onbewust maken mensen onmiddellijk een afweging, en wordt er classificatie wordt neergelegd. Ben je je bewust van dit proces, en laat je de ander los in ‘ranking’, dan kun je elk gesprek voeren.
.

We hebben binnen onze communities allemaal privileges die we als ‘normaal’ ervaren, zelfs als het voor de rest van de wereld een uitzondering is. Situaties die we als basisfundamenten zien, maar die voor anderen iets bijzonders zijn. Of heel gek. Grensoverschrijdend. Of zo’n ver wensbeeld tonen dat het moeilijk is om je voor te stellen dat het bestaat.
Zodra je je in een extreme situatie bevindt is het zien van ranking eenvoudig. Ik werk veel met geüniformeerde beroepen waar het vrij prominent aanwezig is. En ook als ik in het buitenland werk is het eenvoudig. Maar hoe dichter je bij mensen komt die in veel zaken op je lijken, verschuift ons bewustzijn over de plek die we in het geheel innemen. Dan gaan onze eigenschappen en gedragingen meer tellen…
‘Maar jij bent verbaal ook heel sterk’ gaf iemand me een paar maanden geleden tijdens een klus als feedback terug. Ik werd over een ethische grens getrokken, waar ik met veel moeite buiten gebleven was. Vervolgens stapte ik instrumenteel uit de emotie en was hardop gaan decoderen wat er feitelijk had plaatsgevonden. De groep beleefde daardoor de situatie opnieuw en kon zien waar de zeer onethische afslag genomen was. In eerste instantie was ik verrast door hun blinde vlek – Hoe kon iets dat zo voor de hand lag, zo onzichtbaar zijn. Dit zijn vooronderstellingen en vragen die ik als mens nodig heb, om juíst als professional in verbinding te kunnen blijven. We zijn altijd gelijken, zelfs al word ik als expert gezien.
Dat ik door ranking tot uitzondering werd gemaakt en er daarna onbewust een verwachting bij de groep ontstond dat ik meeging in hun genormaliseerde gedrag – want ‘we doen het hier nou eenmaal zo‘ – was een compliment op onze verbinding en die gelijkwaardigheid. Tot ik ze moest wijzen op de onethische en weinig integere kant van het handelen. Ditzelfde ervaren we nu landelijk, op grotere schaal. Hier wringt de schoen met wat veel mensen op dit moment in verwarring brengt. Twijfelen aan je eigen zuiverheid als er zoveel emotie om je heen plaatsvindt, is meer dan logisch. Het vraagt veel stevigheid daar buiten te blijven staan, en dat is precies wat we nu nodig hebben.
Mag ik je uitnodigen gesprekken te voeren, als…
Op wie je ook hebt gestemd. Wat je mening ook is. Hoe je je er ook bij voelt. We zijn simpelweg mensen waarbij ervaring ons kleurt, en dat ons altijd weer bij nieuwe handelingen brengt.
Een aantal instap-regels wil ik je meegeven mocht je er zin in hebben om met wie dan ook een moeilijk gesprek te voeren:
- Ik ben een andere jij, in andere schoenen, met een ander uitzicht. Vrij vertaald naar In Lak’ech (Maya) met een Westers tintje. ;) Passie kan ons per ongeluk oogkleppen opzetten, dus blijf je op de schoenen focussen.
- Wil je delen of wil je overtuigen? De keus is uiteraard aan jou, maar voor de verbinding zou ik altijd starten met delen. Levert het verschil in overtuiging een pijnlijke verwijdering op, dan kun je parkeren overwegen of openheid geven over de risico’s.
- Check eerst de emotie van de ander. Jij moet de ander zuiver kunnen zien. Maar in hoeverre kan de ander jóu ook zien. Is het antwoord ‘Die kan mij nu niet zien’ dan is het vermoedelijk niet het moment voor een verrijkend gesprek. Maar je mag het natuurlijk altijd proberen.
- Check je eigen emotie. Ben je te geëmotioneerd om jezelf te kaderen en de ander te blijven zien? Vraag je af of het een moment is voor een gesprek. Benoem het, neem verantwoordelijkheid en vraag zo nodig het gesprek te parkeren.
- Benoem de risico’s van het gesprek. Dit is een zeer praktische die vaak overgeslagen wordt. Zijn jullie bereid de risico’s te dragen als jullie ze zien? Niet alles hoeft altijd met iedereen besproken te worden (!) Je mag best kiezen voor een onbesproken onderwerp.
- Stap je opgeruimd en vrij het gesprek in? Blijf jezelf dan monitoren op het zien èn worden gezien. Hardlopers struikelen nog weleens, en je wilt wel in verbinding met jezelf blijven.
- Wil je ondanks zwaardere emoties een debat? Of ben je bereid om voor je gezien-worden te strijden? Probeer je eigen ruimte dan zo goed mogelijk te bewaken. Neem desnoods fysiek wat ruimte, las een pauze in, of vraag tussendoor en check: Zitten jullie nog steeds in dezelfde beleving dat dit gesprek gevoerd moet worden?
.
En zelfs Arnold en Amy Mindell hebben er weleens moeite mee… (Belfast 1992)
